Pentagram 15


P15

A. Partijorganen
1. Zaaddragend partijorgaan (3) --> bal
2. Stekelig partijorgaan (9) --> vierdoorn
3. Dat orgaan doet mee aan het Nijmeegse zomerfestival (10, 4) --> wandelende nier
4. Dat orgaan drukt zich uit in de stoptrein en partijgangers (10) --> boemel-aars
5. Partijorgaan dat tussen de oren zit (9) --> feestneus

B. Klein Orkest
1. Dat snaarinstrument is nog kleiner dan de babyvleugel (9) – embryocel
2. Klein Orkest voor openluchtconcerten en ter controle (10) --> uitstrijkje
3. Van deze Klein Orkest-groep ben je rooms (6) --> houtje
4. Bloemrijk instrument uit het Klein Orkest (8) --> viooltje
5. Van dat onderdeel zijn er twee nodig om een instrument te laten zwerven door het Klein Orkest (6) --> Rietje

C. Lichaamssmaak
1. Gesuikerde taille (10) --> zoetmiddel
2. Lichaamsdeel van de azijnpisster (9) --> zuurpruim
3. Hartig lid (7) --> zoutarm
4. Heet uit het vrouwelijk schaamdeel afkomstig (6, 3, 2, 5) --> scherp van de snede
5.Mannelijke variant van galei (9) --> bitterbal

D. Kleedmuziek
1. Muziekdrager die gedragen wordt (9) --> singletje
2. Zie Cryptografiek (9) --> Ma-trui-tje
3. Instrumentalist die gedragen wordt door A.1 (6) --> blazer
4. Dat kledingstuk is een klassieke klassieker (6) --> Bolero
5. Die nummers bezingen ridderkledij (13) --> kolderliedjes

E. Dronken hemellichamen
1. Dat hemellichaam associeer je met straal en ultraviolette stralen (9) --> hoogtezon
2. Zie Miep en Lodewijk: Dat hemellichaam heeft zich bewusteloos gedronken//Toe, maak je dik! (6) --> ko-maan
3. Dronken hemellichaam dat nooit aan de hemel te zien is (6, 7) --> blauwe planeet
4. Dat hemellichaam resteert na alcoholmisbruik (5, 3) --> zwart gat
5. Als het geen kind is, moet dit wel een dronken hemellichaam zijn (11) --> waarzegster

De nummers 5 leiden naar Toon Hermans.