Frans Duogram 14


Beste puzzelvrienden,
Dit duogram bleek veel moeilijker te zijn dan ik had gehoopt. De reacties waren verschillend: sommigen vonden de puzzel ‘lekker pittig’ en ‘uitdagend’; anderen werden er moedeloos of kribbig van en weer anderen waren blij met elk woord dat ze na lang nadenken vonden.
De grootste struikelblokken bleken linksonder te liggen. Herhaaldelijk werd voor de combinatie conga en Opera gekozen. Inderdaad is er zowel in Parijs als in Den Haag een Opéra/Opera, maar een conga brengt alleen maar doffe klanken voort. Ook zag ik af en toe abus waar obus had moeten staan en muit in plaats van mort. Zie bij resp. V34, H39, V31 en V16.

Ik geef nog eens de omschrijvingen, gevolgd door de oplossing en de nodige uitleg.
Horizontaal
1 Loopt gemakkelijk en bijt lelijk door: CROC – F: spitse tand van een verscheurend dier; NL: comfortabele instapper, die veel mensen lelijk vinden
4 Daar gaan ze heen voor een kerkelijke plechtigheid: VONT – F: derde persoon meervoud van ALLER (gaan) in de tegenwoordige tijd; NL: bekken met doopwater
6 Waterplaats met een duister verleden: VICHY – merk van cosmetische producten, waaronder thermaal water; verwijzing naar het collaborerende regime in WOII
7 Meer dan genoeg voor jou: TE – F: verbogen vorm van het persoonlijk voornaamwoord tu; NL: bijwoord met de betekenis ‘meer dan wenselijk of mogelijk is’
8 Vriendelijke aanhef in een brief van de verzekering: AMICE – F: Association des assureurs mutuels et coopératifs = onderlinge en coöperatieve verzekeringssector in Europa; NL – aanhef in brieven aan min of meer bevriende collega’s
10 Resultaat van aandachtig verrichte werkzaamheden: OEUVRE – F: oeuvre = werk; oeuvré = verricht (om iets belangrijks te bereiken); NL: werk, als totaliteit gezien
11 Rokje voor jullie twee: TUTU – F: twee keer ‘tu’ (jij); F+NL: balletrokje
15 Sierlijk zijn ze, al hangen de rafels erbij: PENDELOQUES – F+NL: sieraden, oorspronkelijk ‘onderste stukken of edelgesteenten die aan oorsiersels hangen’; pendre = hangen en loques = vodden
16. Ligt op de vloer en staat op het dek: MAT – F: mât = mast; NL: vloerkleed
19 Deze brandstof kan een slag toebrengen: PEUT – F: derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van POUVOIR (kunnen); NL: twee betekenissen: petroleum en klap.
21 Vrouw met pit die 'n handje kan helpen bij het strijken: MADAME JEANETTE – F: madame-jeannette: extra strijkplankje; F+NL madame-jeanette: zeer hete peper
23 Warming-up ná het sporten: APRES-SKI – gezellig bijeenzijn na het skiën
25 Wat kan die naar zijn! ETRE- F: être = zijn; NL: akelig persoon
27 Wij hebben samen aardigheid in dit tijdverdrijf: JEU – F: spel; rebus: samengesteld uit je (ik in het Frans, jij in het Nederlands) en u.
28 Deze lichaamsdelen worden gevormd door een graver uit een Baltische staat: MOLLETS – F: kuiten; het woord is samengesteld uit mol (dier dat gangen graaft) en Lets (uit Letland)
30 Brengt een boodschap die de vorst aanspreekt: SIRE – F+NL: (aanspreek)titel van een koning; NL: Stichting Ideële Reclame
32 Welsprekendheid met consumptie: FLUX DE BOUCHE – F: speekselvloed; NL: vlotte babbel
36 Stuk vlees dat flink is verhit: BOUT – F: kookt (vorm van bouillir); NL: kippen- of eendenbout bv.
37 Muziekstuk dat in het vervolg binnenskamers ten gehore wordt gebracht: SUITE – F: opeenvolging, vervolg, gevolg; F+NL: muziekstuk(ken) of aangrenzende vertrekken
38 Na deze uitkomst is ook de dame teruggezet: REMISE – F: verbogen (vrouwelijke) vorm van remis (voltooid deelwoord van remettre (terugzetten)); F+NL: gelijkspel in het schaken
39 Brengt zowel doffe als muzikale klanken voort: CANON – F: kanon; F+NL: zangstuk

Verticaal
2 Is er weer (bij)gekomen op de rekening: REVENU – F: voltooid deelwoord van revenir = terugkomen; F+NL: opbrengst, inkomen
3 Kleurstof van een kalkhoudende groente: CACHOU – F+NL: conserverende kleurstof, afkomstig uit de bast van tropische bomen. Rebus: samengesteld uit ca (circa) en chou (kool in het Frans)
4 Geen argeloze kijker: VOYEUR – F+NL: gluurder; het woord is afgeleid van VOIR = zien
5 Tot je niet meer ziet hoe mooi ze is... NATURE – F: natuur; NL: aanvoegende wijs van naturen
9 Fris en vrolijk de paden opgaan: MONTER – F: klimmen, omhoog gaan; NL: opgewekt
11 Met een reclamebord aan de haal gaan: TROTTER – F: draven (se trotter = ervandoor gaan); NL: mobiel billboard
12 Een hele prestatie, zo'n wielerkoers! TOUR DE FORCE – letterlijk een krachttoer; verwijzing naar de Tour de France
13 Zie de kunstwerken hieronder: INFRA – F: synoniem van ci-dessous = hieronder (in een tekst); NL: afkorting van infrastructuur
14 Aromatische brandstof: ESSENCE – F: benzine; F+NL: aftreksel van een geur- of smaakstof
15 Hierin kon de bordspeler terechtkomen: PUT – F: derde persoon enkelvoud van POUVOIR in de passé simple (‘eenvoudige’ verleden tijd); NL: vakje op het ganzenbord
16 Komt in opstand tegen het einde: MORT – F: de dood; NL: morren = zich verzetten, muiten
17 Zuidelijke zustergemeente van V23: TAVEL – plaats in de Rhônevallei (en de naam van een roséwijn uit dit gebied)
18 Prima signaal: TOP – F: tijdsignaal; NL: prima!
20 Uniform gezelschap: ENSEMBLE – F+NL: mantelpakje; muziekgezelschap
21 Zoete jongensnaam: MIEL – F: honing; NL – variant van Emile
22 Waar krijg je die vergoeding van? DONT – F: waarvan; NL: handelsterm (een dont geeft het recht om stukken tegen betaling van de opzeg- of aanzegprijs op te vragen of te leveren)rouwgeld)
23 Roze(n)rode streek: ANJOU – voormalige Franse provincie, die ongeveer overeenkomt met het huidige departement Maine-et-Loire; deze streek is bekend om de roséwijn; bovendien is er een roos met de naam René d’Anjou.
24 Saus in de kleur van V24? ROUX – F: roodbruin; F+NL: saus van boter en bloem
26 Zij is weer gezien op de planken: REVUE – F: vrouwelijk vorm van het voltooid deelwoord van REVOIR (terugzien); F+NL: vorm van amusementstheater
29 Uitspraak over de essentie van een wet: LEXIS – F: uitspraak die op zichzelf wordt beschouwd, zonder oordeel over de inhoud; rebus: lex (wet) + is.
30 Harde tik: SEC – F: droog, hard (van geluid); NL: afkorting van seconde
31 Ah, een trommel die kan ontploffen! OBUS – F: granaat; rebus: o + bus
33. Twee meisjes in het water: EVIAN – mineraalwater; rebus: Evi + An
34. Er klinkt gezang in Parijs en Den Haag: ODEON – theater; de naam begint met ode (lofzang)
35. Daar waren we toen niet: HIER – F: gisteren; NL: tegenovergestelde van daar

Rest mij de schone taak de prijswinnaars te noemen.
De e-card van € 17,50 is gewonnen door Theo Heufkens uit Vierlingsbeek.
Die van € 12,50 is bestemd voor Monique van Mierlo uit Waalwijk en
het boekje – La grande panique van Sempé (van toepassing, volgens enkele oplossers, op dit hele duogram) – zal ik sturen naar Joke & Chiel Peele in Zwijndrecht.

Graag tot een volgende keer,

Nannie